fbpx
  • OVERVERHIT DOOR DE OVERGANG.

    Vroeger kon ik erg goed tegen hitte. Ik kon uren door een bloedhete stad rondstruinen zonder hier veel hinder van te hebben. Sinds ik in de overgang zit merk ik dat ik minder goed tegen warmte kan. Zeker nu het buiten zo warm is heb ik meer opvliegers dan normaal.

    De overgang zorgt ervoor dat het oestrogeen niveau lager wordt in je lichaam. Hierdoor raakt het temperatuurcentrum in de hersenen ontregeld. De marge om het verschil te registreren tussen warm en koud wordt kleiner. Warm weer zorgt bij mij voor een reactie, meer opvliegers!

    Met warm weer doe ik het daarom rustig aan. Toen ik in de overgang raakte merkte ik dat intensief sporten tijdens warme dagen niet meer prettig voelde. Ik kon mijn warmte niet kwijt en had het gevoel te ontploffen. Voor mezelf heb ik de afspraak gemaakt dat als het kwik boven de 25 graden komt, ik niet ga sporten. Ik haal het op een koeler tijdstip wel in.

    Ik hou van wandelen maar ik houd zeker rekening met warm weer. Flinke einden wandelen op warme dagen is zeker niet zonder risico. En als het voor mij té warm is laat ik die mooie wandeling even schieten. Als het weer wat koeler wordt dan trek ik mijn wandelschoenen wel weer aan.

    Vroeger kon ik erg goed tegen hitte. Ik kon uren door een bloedhete stad rondstruinen zonder hier veel hinder van te hebben. Sinds ik in de overgang zit merk ik dat ik minder goed tegen warmte kan. Zeker nu het buiten zo warm is heb ik meer opvliegers dan normaal.

    Je kunt jezelf wel goed voorbereiden op een warme dag. Hier zijn een aantal tips om goed voorbereid te gaan wandelen met warm weer.

    oververhitting tijdens de overgang
    zomers weer kan overgangsklachten verergeren.

    Blijf zo koel mogelijk.

    • Wandel zoveel mogelijk in het bos. Daar is het koeler en er is meer schaduw.
    • Vermijd open velden en lange asfaltwegen. Wandel niet in de volle zon en asfalt trekt warmte aan.
    • Wandel heel vroeg in de ochtend of laat op de avond dan is het een stuk koeler!

    Bescherm je lijf tegen de zon.

    • Smeer je van tevoren in met zonnebrand, het liefst met een hoge factor.
    • Draag luchtige kleding. Dit voert de warmte makkelijker af dan strakke kleding. Draag een hoed of pet en bescherm je nek tegen de zon.

    Drink voldoende en eet niet teveel.

    • DRINK! voldoende water, je verliest ongemerkt meer vocht als je wandelt. Neem regelmatig een slok water. Een goede graadmeter om na te gaan of je voldoende drinkt is de kleur van je urine. Als deze donker is moet je meer drinken.
    • Drink geen alcohol of koffie.
    • Eet licht verteerbaar voedsel, wandelen met een zware maaltijd op de maag is geen goed idee en voelt niet prettig.
    • Ik heb altijd wat druivensuiker bij me voor wat extra energie en als het warm is ook wat zoute drop. Je kunt ook wat chips mee nemen om het zoutgehalte in je lijf op peil te houden.

    Let op je lijf!

    • Wandel op een rustiger tempo en neem voldoende pauzes.
    • Let op je lijf. Als je hoofdpijn krijgt, je duizelig of misselijk voelt, verward bent of spierkramp krijgt is dit niet goed. Wandel niet stug door maar stop. Mogelijk heb je een zonnesteek, vochttekort of ben je oververhit. Oververhitting (hyperthermie) kan fatale gevolgen hebben. Neem je lijf serieus!
    • Zie je het niet meer zitten in de hitte, bel een taxi en ga lekker naar huis of pak een terrasje!
  • 6 tips om tijdens de overgang gezond en actief te blijven.

    Als je in de overgang komt verandert er veel in je lijf. Behalve de hormonale veranderingen verandert je stofwisseling. Vrouwen in de overgang worden vaak iets dikker. De taille verdwijnt omdat het vet zich vooral rondom de buik ophoopt. Daarnaast voelen veel vrouwen zich emotioneel minder goed in hun vel zitten. Veel vrouwen voelen zich depressiever en onzeker. Andere overgangsklachten die je daarnaast kunt hebben zoals slaapproblemen, opvliegers en vermoeidheid maken het er soms niet makkelijker op.

    Moet je er dan maar mee leren leven?

    Nee! Gelukkig kun je zelf invloed uitoefenen op deze klachten. Een gezonde levensstijl kan hier een positieve invloed op hebben. Eet gezond. Eet veel groente en fruit. Eet eens per week vette vis. Let op met zout en suiker. Drink veel water en drink niet teveel alcohol. En vooral…

    BEWEEG!

    Een fysiek actieve levensstijl is onlosmakelijk verbonden met een gezonde levensstijl.

    Maar wat als je blij bent dat je eindelijk op de bank zit en alles je eigenlijk al teveel is? Hoe krijg je jezelf dan zover dat je meer gaat bewegen?

    Tip 1.

    Wees lief voor jezelf. Je hoeft écht niet over een half jaar een halve marathon te lopen. Stel een haalbaar doel en spreek met jezelf af hoe lang je dit gaat doen. Bijvoorbeeld, de komende maand pak ik niet de auto maar de fiets als ik boodschappen doe. Of als ik de hond uitlaat, maak ik de komende week mijn rondje wat langer.

    Tip 2.

    Bepaal je instapniveau. Als je niet gewend bent om (veel) te bewegen is het belangrijk om je instapniveau te bepalen. Je instapniveau bepaal je door na te gaan of je nog makkelijk kunt praten terwijl je de activiteit aan het doen bent. Als je bijvoorbeeld aan het wandelen of fietsen bent kun je door het tempo aan te passen ervoor zorgen dat je kunt blijven praten zonder buiten adem te raken.

    samen bewegen motiveert!

    Tip 3.

    Wees trots op jezelf! Je bent goed bezig. Jij neemt de regie in handen. Jij bent niet overgeleverd aan de overgang. Je bent bezig om hier op een gezonde manier mee om te gaan. Maak jezelf niet kleiner door te zeggen: het stelt niets voor wat ik aan het doen ben. Je doet het toch maar!

    Tip 4.

    Breid uit en stel haalbare doelen. Een fysiek actieve leefstijl hoeft niet per sé te betekenen dat je veel aan het sporten bent. Als jij flink bezig gaat in de tuin ben je fysiek actief bezig. Een wandeling waarbij je flink doorstapt of een fietstocht waarbij je flink doortrapt is ook een fysiek actieve bezigheid. Dit hoeft niet in georganiseerd sportief verband plaats te vinden. Tijdens de coronatijd is dit sowieso lastig. Als je merkt dat de activiteiten je makkelijker afgaan dan kun je andere doelen stellen. Bijvoorbeeld, ik ga een wandeltocht maken van 5 kilometer of ik fiets deze week elke dag naar mijn werk. En ook hier blijft het belangrijk dat je voor jezelf haalbare doelen stelt.

    Tip 5.

    Doe het niet alleen. Onderzoek heeft aangetoond dat de motivatie hoger blijft als er een sociaal aspect met de bezigheid verbonden is. Als je hebt afgesproken om met iemand te sporten of te bewegen. Zal je minder snel de afspraak afzeggen als je geen zin hebt.

    Tip 6. Zorg voor een goede Mindset!

    Heb je van alles geprobeerd maar blijf je niet goed in je vel zitten? Zoek dan hulp. Blijf niet rondlopen met vragen, minderwaardige gevoelens of vluchtfantasieen. Zoek een coach/hulpverlener waar jij je prettig bij voelt. Zelf wandel ik met vrouwen in de natuur. Lijkt je dat wat? Neem dan een kijkje op mijn site of neem contact met mij op.

    Wat levert dit alles je op?

    Meer energie, je hebt meer uithoudingsvermogen.

    Gezondere spieren en botten. In de overgang krijgen de meeste vrouwen te maken met botontkalking. Daar merk je niets van maar dit kan op latere leeftijd heel vervelende consequenties hebben. Beweging gaat dit tegen. Om botontkalking tegen te gaan is het ook belangrijk om aan krachttraining te doen.

    Minder stress. Bewegen is een goede manier om stress tegen te gaan.

    Je slaapt beter en je vermogen om informatie op te nemen en te verwerken verbeterd.

    Je hebt meer zelfvertrouwen en straalt dit ook uit!

    Kortom regelmatig bewegen of sporten verbetert je levenskwaliteit en je algemene gezondheid!

  • Bijna 50 jaar, hoe is dat Tooske?

    Hoe ervaren andere vrouwen hun midlife-fase, de levensfasefase die pakweg valt tussen de veertig en zestig jaar? Waar maken zij zich zorgen over? Wat is er anders dan voorheen? Hoe zitten zij in hun vel. Zijn er overeenkomsten tussen deze vrouwen? Als bijna 50-er ga ik met deze vragen op pad en ga ik in gesprek met verschillende vrouwen boven de veertig jaar.

    Ik heb een gesprek met Tooske, een vriendelijke vrouw van 47 jaar. Zij is 23 jaar getrouwd en heeft 4 kinderen van 21, 19, 16 en 13 jaar.  Haar zoon van 19 is net het huis uitgegaan. Tooske werkt in het onderwijs. Haar man heeft een klusbedrijf.

    Het is een grijze dag in januari als Tooske mij verwelkomt in haar huis. We drinken koffie aan de grote keukentafel. Tieners vallen om de beurt de woonkeuken binnen. Vrienden en vriendinnen komen en gaan. Het is de zoete inval. Voordat we beginnen met het gesprek krijgen alle pubers de instructie ons niet meer te storen.

    Tooske geeft aan dat zij niet het gevoel heeft dat de termen midlife en overgang op haar van toepassing zijn. Ze associeert het met ouderdom, iets wat haar nog niet aangaat. We beginnen het gesprek en ik vraag aan Tooske waaraan ze merkt dat ze ouder wordt en hoe ze dit ervaart. Dit is haar verhaal.

    Geen twintig meer.

    Kwaaltjes, ik merk aan mijn lijf dat ik geen 20 meer ben. Ik heb last van artrose en kan mijn lievelingssport hierdoor niet meer doen en dat is best wel slikken. Ik ben jong om nu al artrose te hebben en ik vraag me dan wel eens af hoe het zal zijn als ik 70 ben. Ik denk dat ik wat trager ben. Tegenwoordig lachen mijn kinderen lachen me uit omdat ze nieuwe snufjes op hun en mijn mobiel sneller doorhebben dan ik. En de laatste tijd merk ik dat het wat lastiger om op gewicht te blijven.

    (Schoon)ouders

    Soms heb ik wel eens zorg om mijn (schoon)ouders. Die zien mensen om zich heen wegvallen of ziek worden. Ik besef  steeds vaker dat wij ook ooit een verontrustend bericht zullen krijgen en dat daarna niets meer hetzelfde is. Mijn schoonvader is ernstig ziek. Ik maak me wel zorgen over mijn schoonmoeder. Zij leunt erg op hem. Hoe zal het met haar gaan als mijn schoonvader er niet meer is? Mijn eigen ouders wonen om de hoek. En die zijn gelukkig nog best vitaal en gezond. De laatste tijd vallen er om hen heen ook steeds meer mensen weg. Dat doet mij wel beseffen dat het zomaar ineens afgelopen kan zijn. Mijn ouders hebben veel voor onze kinderen gezorgd toen ze klein waren. Dat was heel fijn en daar ben ik ze dankbaar voor. Als mijn ouders zorg nodig hebben dan ben ik er voor ze. Misschien betekent dat ik dan wat minder moet gaan werken. Dat zou ik jammer vinden maar ik vind dat mijn ouders dat zeker verdienen.

    Op kamers

    Afgelopen zomer is onze zoon op kamers gegaan. We waren er allebei aan toe. Toen hij nog thuis woonde was hij op het laatst veel van huis. Vrienden, school, bijbaantjes. Het is het eigenlijk heel natuurlijk gegaan. Ik voelde me soms hotel mama en dat gaf wel eens gedoe. Als hij nu thuis komt, is het gezellig. Maar als hij dan kiest voor zijn nieuwe thuis raakt dat toch, is het hier dan niet leuk genoeg? Dit gevoel kan ik wel relativeren. Zo hoort het ook. Het is een gezonde ontwikkeling.

    Pubers

    En ik heb nog 3 kinderen thuis wonen. De oudste is de puberteit ontgroeid en die is inmiddels voor rede vatbaar. Die gaat haar eigen gang. Bij haar hoef ik ook echt niet aan te komen met bedtijden of iets dergelijks. Onze zoon van 16 staat nu voor zijn eindexamen. We worstelen ermee wat voor hem de goede aanpak is. Hij vindt de verleidingen van de moderne samenleving zoals Netflix, games en social media heel moeilijk te negeren. Met als gevolg heel matige resultaten op school. Moet ik er meer bovenop zitten? Er zit zoveel meer in dat er nu uitkomt. Aan de andere kant moet hij ook leren om zijn verantwoording te nemen. Ik vind het ook lastig omdat ik zelf heel serieus met mijn schoolwerk omging. Ik probeer me er maar niet teveel aan te storen en hem zijn eigen verantwoordelijkheid te geven maar dat is wel eens lastig.

    Overgang

    Ik hou me nog niet zo bezig met de lichamelijke overgang. Ik voel me ook niet verbonden met die term. Bij de overgang denk ik aan zwetende vrouwen met teveel kilo’s en een rood hoofd. Zo zie ik mezelf niet. Ik heb nooit veel last gehad van veranderingen in mijn hormoonhuishouding. Ik voel mij eigenlijk altijd wel stabiel. Die overgang, wellicht fiets ik er wel doorheen. Er zijn ook vrouwen die weinig of geen last van de overgang hebben. Ik hoop dat ik tot die categorie behoor.

    Niet goed in mijn vel.

    Een aantal jaren geleden zat ik niet goed in mijn vel. Dat kwam door mijn werk. Ik had een overvolle klas met veel kinderen die zorg nodig hadden, ik trok dat niet en voelde me ernstig tekort schieten. Ik heb toen een tijdje op therapeutische basis gewerkt. Ik denk omdat ik toen al wat ouder was mij goed realiseerde dat het geen zin had om door te worstelen omdat ik dan alleen maar dieper in de put zou komen. Ik heb geleerd dat ik signalen van stress serieus moet nemen. En dat doe ik nu ook. Deze ervaring en het besef dat burn-out in het onderwijs bij veel mensen voorkomt heeft me daadkrachtiger gemaakt. In het onderwijs moet echt iets veranderen.  Als ik nu teveel last van stress zou hebben dan zou ik mij anders opstellen of wat anders gaan doen. Ik zou niet aarzelen om daar hulp bij te zoeken. En dan denk ik niet dat ik een loser ben. Ik vind het dan juist krachtig om mijn eigen weg te gaan

    Levenservaring

    Een burn-out of overspannenheid of hoe je het wil noemen gaat me, denk ik, niet nog een keer gebeuren. Nu zal ik de signalen serieus nemen. Het heeft me ook daadkrachtiger gemaakt om stelling te nemen over de situatie in het onderwijs. Er moet écht iets veranderen. Jongere collega’s nemen mijn advies aan. Ik heb alles al wel een keer meegemaakt. Die mentorrol vind ik leuk om te vervullen. Het heeft denk ik met mijn leeftijd te maken dat ook ouders van leerlingen makkelijk mijn pedagogische adviezen aannemen. Dat is een voordeel van het ouder worden. Ik denk wel dat het belangrijk is om te blijven werken aan je persoonlijke ontwikkeling. Wat dat betreft is mijn buurman van 85 jaar die Arabisch aan het leren is en goed bij de tijd is echt een voorbeeld voor me.

    Vrijheid en me-time

    Nu ik wat ouder word krijg ik meer vrijheid daar geniet ik van. De kinderen hebben minder zorg nodig. Door de jaren heen hebben we gezorgd dat het financieel goed gaat. Nu ga ik na het eten een rondje lopen. Vroeger was dat spitsuur. Ik merk ook wel dat ik me-time nodig heb om in balans te blijven. Ik zorg ervoor dat ik een paar avonden in de week niets hoef. Heerlijk is dat. Daarom ben ik bijvoorbeeld ook gestopt met vrijwilligers werk in de avonden. Ik hoef mezelf niet meer te bewijzen en durf veel meer mijn eigen keuzes te maken.

    Wijze lessen

    Accepteer dat als je last van iets hebt dat dat bij je hoort. Laat het er zijn, het is ok. Kijk om je heen en relativeer. Tel je zegeningen.

    Dit is natuurlijk heel makkelijk gezegd want dit zeg ik in heel goede omstandigheden en alles zit mee. Daarmee bouw ik misschien ook wel een buffer op. Zodat als het misschien iets minder gaat, ik dan kan denken dat ik mijn portie geluk ook wel heb gehad en dat ik daar dan wel op kan teren. Ik hoop tenminste dat ik dat kan. Dat heeft ook wel te maken met mijn levensinstelling. Het glas is half vol in plaats van half leeg.

  • Ziek melden of volhouden?

    Esther zit sinds een paar weken in de ziektewet als zij contact met mij opneemt. Als natuurliefhebster en wandelaarster sprak het idee van wandelcoaching haar erg aan. Esther is een harde werkster, zij heeft een baan als juridisch medewerkster. Zij is van nature perfectionistisch en analytisch sterk. Eigenschappen die haar goed van pas komen bij haar functie. Ze is goed in haar werk en doet dit met veel plezier.

    Maar blijven volhouden

    De laatste tijd is het lastig om het werk vol te blijven houden. Esther heeft veel last van hoofdpijn. Die slaat haar lam. Ze functioneert dan volgens eigen zeggen op halve kracht. Als ze thuiskomt na een dag werken moet zij een dag bijkomen op de bank. En die dagen op de bank worden er meer en meer. Haar partner is niet blij met de situatie. Wanneer gaan ze weer eens iets leuks doen met elkaar? Ze is door medici helemaal doorgelicht om de oorzaak van die hoofdpijnen te achterhalen. Mogelijk is de oorzaak hormonaal. Ze moet er maar mee leren leven is de boodschap die ze gekregen heeft. Esther beseft dat het zo niet langer kan. Haar relatie staat onder druk. Ze heeft het gevoel continue achter de feiten aan te lopen. Ze voelt zich doodmoe.

    Twee weken geleden heeft Esther zich ziekgemeld. Ze merkt dat ze zich energieker voelt en dat de hoofdpijn een stuk minder is maar eigenlijk vind ze dat ze zo snel mogelijk weer aan het werk moet. Een beetje met mij in het bos wandelen terwijl haar collega’s haar werk aan het oppakken zijn, dat kan toch eigenlijk niet?

    In ons gesprek merk ik dat Esther erg streng voor zichzelf is en vol oordeel zit over zichzelf. Zij, de sterke schouder waar iedereen op kon leunen en waar ze ook wel trots op was, is nu ziekgemeld omdat het niet meer ging. Eigenlijk keek Esther altijd een beetje neer op mensen die dat overkwam en nu overkomt het haar. Dat is slikken voor Esther.  Ze is boos op haar lijf. Waarom functioneert dat meer zoals vroeger? Waarom overkomt haar dit nou? Ze wil de oude Esther terug!

    We wandelen door de natuur en ik vraag Ester of zij een beeld ziet in de natuur dat voor haar symboliseert hoe zij zich graag zou willen voelen. Esther kiest een kale boom.

    volhouden of ziekmelden?

    Niets moeten, geen ballast

    Deze boom heeft geen takken meer zegt ze, die hoeft niets te dragen er is geen ballast. Dat zou me heerlijk lijken. Even niets moeten, geen ballast ervaren. Met deze thema’s gaan we aan de slag. Als wandelcoach vond ik het bijzonder om te zien hoe het beeld van een kale boom zoveel inzicht gaf.

    Esther heeft last van een chronische lichamelijke kwaal. Als je ouder wordt heb je meer kans om chronische kwalen te ontwikkelen. Op zich kun je daar vaak (prima) mee leven maar het vraagt wel dat je aanpassingen in je leefstijl maakt. Je grenzen liggen anders dan je van jezelf gewend bent.

    Go with the flow

    Esther ging na een aantal weken weer aan het werk. Ze deed dit stapsgewijs. Ze leerde met vallen en opstaan voelen wat goed en haalbaar was en wat niet. Het coachtraject dat ik met haar doorliep hielp haar daarbij. Ze leerde beter luisteren naar haar lijf en zichzelf. Zij veranderde een aantal dingen. Bijvoorbeeld in haar pauze at zij haar boterham niet aan haar bureau maar zij ging wandelen. Zij ging in overleg met haar leidinggevende en kreeg een werkplek in een prikkelarm kantoor. De hoofdpijn is niet weg. Esther heeft gemerkt dat zij hier meer last van heeft als zij overprikkeld is. Ze heeft geleerd met meer mildheid naar haarzelf te kijken. Accepteren dat dit nu bij haar hoort gaat ook met vallen en opstaan. En dat is ok, zij geeft zichzelf de tijd.